Herman Pleij over de Melancholicus

Vandaag over de ledigheid, het grote niets, de grote vijand, des duivels oorkussen. In Remco Campert met Een Ellendige Nietsnut en Andere Verhalen treffen we ellendige nietsnutten die een hard bestaan leiden, voortdurend in de weer in leven te blijven niettegenstaande hun nietsdoen, dichters zijn prozaïsche bierdrinkers, de grote vakantie is synoniem aan wekenlange verveling. De levensonlust, het menselijke tekort, de zinloosheid, de overtollige mens, de onzekerheid bij het kind en de volwassene.[1]

Ook kom ik terecht bij ‘Literatuur als medicijn in de late middeleeuwen’ van Herman Pleij: ‘En ledigheid, ook wel traagheid, vormde een der hoofdzonden, waaronder vooral monniken, opgesloten mediterend in de eenzaamheid van hun kloostercel, gebukt gingen. ‘Ledigheid is de vijand van de ziel,’ vermeldt de regel van de benedictijnen. Gebrek aan afleiding kon de kloosterling in een gevaarlijke situatie van doelloos gepieker brengen, en daar zat de duivel op te wachten om te kunnen toeschieten. Ledigheid is het badwater van de duivel, zei Luther nog. Een onberoerd water vervuilt en stinkt, en een zwaard dat men niet en roert of bezigt wordt beroest. Een voet die altijd stille staat, wordt onbevoeglijk, en een kleed dat ledig ligt wordt van de motten geknaagd. Ledigheid en doelloos gepieker vormen niet alleen een bedreiging voor de geestelijkheid, maar voor iedereen, al blijft de kwaal in het bijzonder erkenning vinden in de meer elitaire milieus van hen die met denken en schrijven hun taak op aarde dienden te vervullen. Misschien verklaart dit mede, waarom de aanbevolen remedies tegen deze gevaarlijke toestand zo vaak in de sfeer van het literaire bedrijf liggen. Niet alleen lezen of luisteren naar teksten, maar ook het schrijven ervan kan helpen om ledigheid te verdrijven. Daarbij hoeft niet uitsluitend aan verstrooiende teksten gedacht te worden. Ook het consumeren en produceren van belerende literatuur kan mede de functie vervullen van het op afstand houden van de duivel.[2]OLYMPUS DIGITAL CAMERA

De zorg om verveling te vermijden en ledigheid te verdrijven staat in het perspectief van de middeleeuwse zondenleer die wil waken over het zieleheil van schrijver en publiek. Daar komt bij dat deze zonde in de loop der middeleeuwen steeds meer in verband gebracht wordt met de lichamelijke conditie, waardoor zij kon uitgroeien tot een waarlijk ziektebeeld: ledigheid en gepieker kunnen leiden tot melancholie, en daaraan kan men uiteindelijk sterven. Een al lang bestaande gedachte is dat vooral geleerden en denkers de neiging tot het vereenzaamd gepieker vertoonden, die de weg opende tot een toename van het zwarte gal in het bloed. Tot ver in de zestiende eeuw blijft het angstaanjagende beeld van melancholie als een potentieel gevaarlijke ziekte sterk overheersen. Met een forse scheut sanguïniteit kon het getob en gepieker bestreden worden, en die bloedstroom kwam los als de patiënt ‘recreatie’ en ‘solaas’ zocht. Die kon hij onder meer vinden door te gaan wandelen en te genieten van de natuur, mooie voorwerpen te verzamelen en zich over te geven aan sportbeoefening: verschillende regimenten bevelen de kaatssport aan, omdat daarbij alle onderdelen van het lichaam (ook de geest) in beweging moesten komen. Bij de beïnvloeding der zieleroerselen, de laatste der hanteerbare buiten-natuurlijke factoren in de regimenten, kan sanguïniteit opgewekt worden door wat wij cultuurgenot zouden noemen. De melancholicus dient zich te concentreren op de goede God en diens schepping, en zich in het algemeen toe te leggen op de beoefening van goede werken, dan is het vanzelf uit met die duivelse muizenissen. Ook uit de praktijk van het dagelijks leven vernemen we toepassingen van de aanbevolen remedies. Van de schilder Hugo van der Goes wordt verteld, dat hij na zijn intrede in het klooster overvallen werd door hevige depressies en aanvallen van melancholie. De prior beveelt dan aan om in zijn nabijheid te gaan musiceren en vrolijke toneelstukjes op te voeren. En al tijdens zijn leven circuleerde over Erasmus de anekdote, dat hij door het lezen van een komische tekst zo verschrikkelijk moest lachen dat hij ter plekke genas van een levensgevaarlijke zweer.[3]

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s