Nietzsche over eten, drinken en de Duitsers.

Alcoholica zijn schadelijk voor mij; een glas wijn of bier per dag is ruimschoots voldoende om van mijn leven een ‘tranendal’ te maken. Als jongen dacht ik dat wijndrinken net als tabak roken in het begin slechts een vanitas van jongemannen was, en later een slechte gewoonte. Om te geloven dat wijn vrolijk maakt, daar zou ik christen voor moeten zijn, dat wil zeggen geloven, wat juist voor mij een absurditeit is. Vreemd genoeg word ik, bij mijn extreme vatbaarheid voor kleine, sterk verdunde doses alcohol, bijna een zeeman als het om sterke doses gaat. Maar Richard Wagner, die mij bekeerd heeft, kan alle geestrijker naturen de onvoorwaardelijke onthouding van alcoholica niet met voldoende klem aanraden. Water is je ware…Obelix1

Een flinke maaltijd is makkelijker te verteren dan een te kleine. Dat de maag als geheel in werking treedt, is een primaire voorwaarde voor een goede spijsvertering. Geen maaltijden tussendoor, geen koffie: koffie vertroebelt.

Zo weinig mogelijk zitten; geen enkele gedachte geloof schenken die niet in de vrije lucht geboren is en bij vrije beweging, – waarin niet ook de spieren feestvieren. Alle vooroordelen komen uit de ingewanden. – Het zitvlees is de eigenlijke zonde tegen de heilige geest. De invloed van het klimaat op de stofwisseling, op de afremming en bespoediging ervan, gaat zo ver dat een verkeerde keuze van plaats en klimaat iemand niet alleen van zijn taak kan vervreemden, maar hem zelfs kan beletten er ook maar aan toe te komen; hij krijgt haar nooit in het vizier. Een tot slechte gewoonte geworden, nog zo kleine traagheid van de ingewanden is al genoeg om van een genie iets middelmatigs, iets ‘Duits’ te maken.

Over eenzaamheid:

Ik heb altijd alleen aan de ‘veelzaamheid’ geleden… Op een absurd vroeg tijdstip, toen ik zeven was, wist ik al dat geen menselijk woord mij ooit zou bereiken: heeft iemand mij daar ooit bedroefd over gezien?

Over lezen:

In mijn geval behoort alle lezen tot mijn vormen van ontspanning: dus tot iets wat me van mezelf losmaakt, wat me in andermans wetenschappen en zielen laat rondwandelen, – wat ik niet meer ernstig neem. Lezen bevrijd me juist van mijn ernst. In periodes van hard werken zie je bij mij geen boeken: ik zou ervoor oppassen iemand in mijn nabijheid te laten praten of zelfs maar denken. En wat is lezen anders… Men moet het toeval, de prikkel van buitenaf zoveel mogelijk uit de weg gaan; een soort zichzelf inmetselen behoort tot de eerste instinctief-intelligente maatregelen van de geestelijke zwangerschap. Moet ik toestaan dat andermans gedachten stiekem over de muur klimt? Verder neem ik bijna altijd mijn toevlucht tot dezelfde boeken, een klein aantal maar, de boeken die zich voor mij bewezen hebben. Het ligt misschien niet in mijn aard veel en velerlei te lezen: een leeskamer maakt me ziek. Het ligt ook niet in mijn aard van veel of velerlei te houden. Eigenlijk is het een gering aantal oudere Fransen naar wie ik steeds weer terugkeer: ik geloof alleen aan Franse beschaving en beschouw alles wat zich verder in Europa ‘beschaving’ noemt als misverstand, om maar niet te spreken van de Duitse beschaving… Zo ver Duitsland reikt, bederft het de cultuur. Eens zal men zeggen dat Heine en ik veruit de belangrijkste artiesten van de Duitse taal zijn geweest – mijlenver verwijderd van alles wat pure Duitsers ermee hebben gedaan.

Morgen over de voor hem van alles bepalende Wagner…

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s