Herwaardering van de Waarden & het Recht op Jezelf

In onze tijd zouden de cynici ervan hebben genoten Het recht op luiheid te kunnen lezen, waarin de arbeid onophoudelijk wordt getoond als het toppunt van vervreemding. Uit de pen van Paul Lafargue kan men er lezen: ‘De werkende klasse van de naties waar de kapitalistische beschaving regeert, is bezeten van een vreemde waanzin. Deze waanzin brengt veel misère met zich mee, die sinds twee eeuwen de trieste mensheid kwelt. Deze waanzin is de liefde voor de arbeid, de dodelijke hartstocht voor het werk, die de levenskracht van het individu en zijn nakomelingen tot uitputtens toe opgebruikt. In plaats van zich te verzetten hebben de priesters, de economen en de moralisten de arbeid heilig verklaard’.

Nietzsche ziet in de verheerlijking van de arbeid de vrees voor alles wat individueel is. Welbeschouwd voelt men ten aanzien van de arbeid – en daarmee bedoelt men altijd het zware werk van de ochtend tot de avond – dat een dergelijke arbeid de beste soort politie is, dat zij iedereen in het gareel houdt. (…) Zo zal een maatschappij waarin hard en voortdurend wordt gewerkt, een grotere mate van zekerheid bieden: en de zekerheid aanbidt men tegenwoordig als de hoogste godheid’. (Morgenrood)dudevinci

Lafargue en Nietzsche vind dat een mens per dag niet teveel moet werken, maar het grootste gedeelte van de dag voor zichzelf moet hebben. Dat vind ik ook, niet om de ledigheid te ‘vieren’, maar om het mens-worden te optimaliseren, met de filosofie als startpunt.

Maar de filosofie sterft omdat ze alleen in de universiteiten leeft en zich slechts spaarzaam blootgeeft, in besloten kring. Ze heeft het gevoel voor de straat en voor open discussie verloren. Nietzsche schrijft: ‘De enige filosofiekritiek die mogelijk is en die ook iets bewijst, namelijk proberen of men ernaar kan leven, is nooit op de universiteiten onderwezen; altijd alleen maar de kritiek op woorden, met woorden.’

De cynicus is geen schoolmeester, noch een klaagzanger, noch een huilerige aankondiger van de terugval in de barbarij of de decadentie, maar een onbeschaamde figuur, voor wie de filosofie een tegengif is tegen de eeuwigdurende arrogantie van de middelmatigen.

Mijn verschil met de cynicus is ‘de hoop’. Ik weiger het atheïsme en probeer God in mijn leven en mezelf in de Zijne te vinden. Toch is mijn houding veelal die van een cynicus geweest. Ik wandel niet naakt door de stad maar sta wel op dezelfde manier tegenover maatschappij, politiek en mezelf. Het verschil is dat ik mijn cynische houding als een tijdelijke houding zie, een noodzakelijke instelling totdat ik verder ben. En daarin ben ik geen vijandige bedelaar. Door dit boek ben ik minder ontevreden over mijn gebrek aan kerkgang en erkende arbeid. Ik heb me losgemaakt, zonder daarmee gelijk vrij te zijn.  Ik moet door de open ruimte reizen om vervolgens weer terug te keren, om mijn kerk en beroep te vinden. De herwaardering van de waarden; als een zaadje sterven om vruchten voort te brengen.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s