Johannes Calvijn, “De Prediking.”

Calvijn heeft nooit theologische colleges gevolgd. Hij was geheel en al autodidact (dit  ga ik later nog controleren). Hier bespeur ik al enige jaloezie van mijn kant. Deze man heeft z’n hele leven niet toegegeven aan de ledigheid en is vroeg gestorven omdat zijn lichaam gesloopt was door alle arbeid die hij verricht heeft. Een held?

Perikopen

‘In totaal zijn er 2304 preken van hem opgeschreven maar heeft in z’n ambtelijke dienst zeker meer dan vierduizend preken gehouden. In geen van die preken heeft hij moeite gedaan om er een fraai, systematisch opgebouwd, retorisch geheel van te maken. Andere kerken maakten gebruik van ‘perikopen’, vastgestelde Bijbelteksten die regelmatig behandeld werden, waarvan Calvijn zei dat ze onoordeelkundig waren samengesteld,’  aldus Zich op Calvijn. Dit verbaast mij, omdat ik in mijn kerkelijk leven altijd last had van die ‘perikopen’. Telkens ergerde ik mij aan de eindeloze herhaling. Wanneer ik zelf in de Bijbel las kwam ik grote stukken tegen waarover ik nog nooit iets gehoord had, laat staan dat het me werd onderwezen. Calvijn daarentegen deinst ervoor terug de inhoud van zijn tekst in enig schema te passen, terwijl hij min of meer de stichter is van de Gereformeerde Kerk, waar tegenwoordig alleen maar schema’s zijn! Calvijn

De Prediking

‘Calvijn preekte aan één stuk door en stopte meestal abrupt en sober. Zo b.v. met een zin als: Het overige moeten we tot morgen bewaren. Van spelen met paradoxen, etaleren van geleerdheid, pronken met diepzinnigheden, speculeren op den nieuwsgierigheid of zich aanpassen aan de smaak of wensen van zijn toehoorders is bij Calvijn niets te bespeuren. Hij verzekerde herhaalde malen dat hij allegorieën haatte, paradoxen verafschuwde, vernuftigheden en spitsvondigheden verfoeide,’  vind ik verderop. Jammer dat ik nooit één van z’n preken heb meegemaakt. Ik ben erg benieuwd. Was alles anders gelopen als ik hem als dominee had? Misschien wel, al moet ik zeggen dat ik zeer tevreden was over een dominee die ik vroeger had. Aan hem lag het niet, maar we hadden meerdere dominees. In ieder geval is het volgens Calvijn zo dat ik de kerk nooit had moeten verlaten. De verachting van de prediking is een zeer zware zonde. Calvijn schreef dat ‘geen misdrijf God zo zwaar beledigt als het verachten van zijn Woord. Want noch van overspelers, noch van doodslagers, noch van andere boosdoeners gebiedt Christus ons met zulk een plechtige handeling onze afschuw te kennen te geven. De prediking van het Evangelie is immers, zoals Paulus schrijft, voor degenen die behouden worden een levensgeur ten leven maar voor hen die verloren gaan een doodsgeur ten dode.’

Dit doe mij schrikken. Is het werkelijk zo erg om te geloven zonder kerk? Blijkbaar. En hoe zit het met al die andere mensen die ik tijdens een preek zie slapen? Of hoor mopperen dat ze er niets iets aan hebben? Calvijn antwoordt dat ‘alle mensen buiten Hem en zonder Hem verdoemd zijn, maar dat Hij gekomen is om de wereld te behouden.’

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s